| Naam: | Gewoon barbarakruid |
| Naam(L): | Barbarea vulgaris |
| Orde: | Brassicales 3.29 |
| Familie: | Kruisbloemenfamilie |
| Familie(L): | Brassicaceae (97) |
| Vindplaats: | Bosserhof Maasbracht |
| Datum: | 25-04-2026 |
| Voorkomen: | Algemeen |
| Bijzonderheden: | De naam zou zijn ontstaan omdat de plant gebruikt werd bij verwondingen door explosies en mijnongelukken, daarom met Sint-Barbara, de patroon heilige van de mijnwerkers, in verband gebracht. De naam is een combinatie van middeleeuwse heiligen verering en vroegere geneeskunde. Vulgaris is in het latijn “gewoon”, dus het gewone barbarakruid. |
| Culinair: | Vooral jong blad werd gegeten; smaakt pittig, een beetje mosterdachtig. Oude bladeren werden de scherpe smaak eerst gekookt. Vooral bekend als voorjaars groente. |
| Medicinaal: | Plant bevat glucosinolaten, vandaar de scherpe smaak. Traditioneel gebruikt bij: wondverzorging; tegen scheurbuik; als bloedzuiverende groente; bij lichte spijsverteringsklachten |
| Spiritueel: | De martelares Barbara werd in de christelijke traditie verbonden met bescherming tegen bliksem, brand, explosies en een plotselinge dood. Vandaar dat zij de patrones werd van mijnwerkers en artilleristen |


